
Dit is de uitdaging wanneer je probeert hoogpresterende IR-lampen in een klein montagemateriaal voor glasreparaties onder te brengen: je moet voortdurend balanceren tussen vermogen en ruimte. Je kunt niet zomaar een standaardlamp kleiner maken en verwachten dat deze nog werkt. Als je dat wel doet, raak je het benodigde warmtestroomvermogen kwijt om het glas daadwerkelijk te kunnen verhitten.
Het pasten in het kleine montagemateriaal Om een verwarmings element in zo’n klein montagemateriaal te krijgen, moeten we de kwartsomhulling korter maken, terwijl het vermogen op hetzelfde niveau blijft. Het gaat erom de warmtestroom per millimeter te verhogen. We gebruiken hoogwaardig kwarts, omdat dit materiaal bestand is tegen snelle opwarming en afkoeling.
Maar je moet voorzichtig zijn. Als je te veel vermogen in de lamp stoppt, kunnen de filamenten beschadigen. Het is dus belangrijk om de lamp voldoende op te warmen zonder dat de onderdelen die de lamp vasthouden, smelten.
De warmte op de juiste plek krijgen We maken gebruik van shortwave-IR-straling, omdat deze snel de glasoppervlakken bereikt. Om optimaal gebruik te maken van de beperkte ruimte, gebruiken we speciale reflectoren die alle energie terug naar het te verhitten object sturen.
Zelfs de kabels vormen een probleem. Grove connectoren zijn onbruikbaar, want ze nemen te veel ruimte in beslag. In plaats daarvan gebruiken we dunne kabels die gemakkelijk door smalle kanalen kunnen worden geleid.
De realiteit op het veld Als je 500 watt in een ruimte van drie inch propt, ontstaat er veel warmte. Als je geen rekening houdt met de koelmogelijkheden, gaan je andere onderdelen kapot. Je moet ervoor zorgen dat je koelventilatoren of koelsystemen in staat zijn om de warmte die de lamp produceert, weg te halen.
Het is een slimme manier om een complex laboratoriumproces om te zetten in een hulpmiddel dat je gemakkelijk kunt meenemen. Houd echter goed in de gaten of de spanning stabiel blijft, anders moet je de lampen vroegtijdig vervangen.